De ronde van Gallië: eten volgens Asterix

Meestal recenseer ik kookboeken, maar een boek over én eten én mijn grote liefdes Frankrijk en Asterix, dat mag natuurlijk niet onvermeld blijven. In De Ronde van Gallië reist journalist Jeroen Thijssen in het voetspoor van onze dappere stripheld door Frankrijk en hij bezoekt dezelfde plaatsen als in het originele stripalbum, je weet wel, die waarin Asterix (die kleine) en Obelix (dik?! ik ben niet dik! hooguit een tikje stevig!) vanwege een weddenschap met een Romeinse bobo een rondreis maken door heel Gallië en als bewijs overal een lokale specialiteit meenemen.
Haargroeimiddelen
Ook
Thijssen gaat overal op zoek naar de plaatselijke lekkernijen en
lardeert zijn reisverslag met meanderende gedachtenstromen en
historische feiten, bij voorkeur over zijn held Cesar. Die ook kaal was,
dus dat schept een band. Wist je trouwens dat de Romeinen buitengewoon
interessante haargroeimiddelen kenden? Maar ook: waar lag Lutetia
eigenlijk? En waarom neemt Asterix nergens kaas mee, toch dé Franse
specialiteit bij uitstek? Stokbrood komt er ook al niet in voor.
Toverdrank
En weten de lezers eigenlijk wel hoe het fenomeen restaurant ontstaan
is? Nee, niet volgens die mythe van caféhouder Boulanger, maar het echte
verhaal? Wat jammer dat de walnoten uit Grenoble en de rillettes uit
Tours niet in het boek terecht zijn gekomen. En waarom is Cambrai
eigenlijk zo lelijk? Het boek bevat zelfs een onnavolgbare redenering
waarom de beroemde ketel met toverdrank vast en zeker uiensoep geweest
moet zijn.
Hoopjes stenen
De toon in het boek
is wat serieuzer dan in zijn gewaardeerde eetverhalen in Trouw, maar
ook hier komt gelukkig toch af en toe wat subtiele humor om de hoek
kijken. ‘Ruïnes zijn mooi maar ik wil er wel wat te eten bij hebben’.
Want o ja, Thijssen bezocht ter plaatse ook overal trouwhartig de
stoffige archeologische musea en dito hoopjes stenen (‘Romeinse resten’)
waar wij tijdens de vakantie bij voorkeur met een boog omheen lopen.
Tisnix
of Appendix
Ook leuk, zeker voor Francofielen zijn alle
‘fouten’ die Thijssen aanstipt. Zo gaat de ‘kletskoek’ uit Cambrai
eigenlijk over bêtises (snoepjes), en blijken met ‘worstjes en
gehaktballetjes’ uit Lyon quenelles (gewoonlijk van vis)
bedoeld te zijn. Overigens heeft mijn Nederlandse Asterix-uitgave het
alleen over worstjes. En hee, ik ontdek nog meer verschillen. De
woordgrap over champagne brut en de brute behandeling van Romeinen heb
ik helemaal niet. De waard van de herberg in Marseille heet bij mij niet
Grandprix maar Alkolix. Ene Appendix gaat bij mij als Tisnix door het
leven. Zelfs de grap aan het eind van het boek (de muilpeer als
specialiteit van het kleine Gallische dorp dat we intussen zo goed
kennen) is bij mij een oplawaai, wat natuurlijk geen enkele culinaire
connotatie heeft. Navraag wijst uit dat er intussen inderdaad en
compleet nieuwe
vertaling uit is van Asterix.
Kortom: een zeer gevarieerd boek, weer eens wat ander leesvoer voor op de Franse camping. Alleen jammer van die beetje oubollige cover. Nu lijkt het net de zoveelste standaard reisgids. En Asterix staat er niet eens op! Maar ja, dat zal wel een rechtenkwestie geweest zijn.
Jeroen Thijssen, De ronde van Gallië – Reizen en eten in het voetspoor van Astrix, uitgeverij Nieuw Amsterdam, ISBN 9789046807088, € 17,95
Bron: http://koken.blogo.nl







